Jan de Bie, oprichter van het Jordaan Festival, overleed gistermiddag op 85-jarige leeftijd. Decennialang stond hij aan de wieg van grote Amsterdamse volkszangers. André Hazes, Wolter Kroes en Glennis Grace waren artiesten die groot werden op het feest van De Bie. De oer-Jordanees was al lange tijd ziek. Voor zijn familie kwam zijn overlijden onverwachts.
Recht voor zijn raap, dat was De Bie volgens zijn beste vriend Wim Bohnenn. “Een échte Jordanees”. In 1975 richtte De Bie het Jordaan Festival op. Drie dagen lang stond de Appeltjesmarkt tegenover het politiebureau op de Elandsgracht vol met Amsterdamse zangers. Het festival was een geliefde plek voor Jordanezen als Johnny Jordaan, Willeke Alberti, Dries Roelvink en René Froger.
Tot en met 2022 regelde De Bie het festival zelf. In 2024 besloot nieuwe organisator Stijn Jesse dat de groeiende kosten het einde betekende voor het volksfeest. Volgens gemeentelijke regels mocht hij geen entree vragen en zo stierf het kindje van De Bie een stille dood.
Yuppen
Het festival was decennialang een ontzettend populair buurtfeest “De organisatie zit gewoon heel goed in elkaar”, zei de rasechte Jordanees in 1993 tegen AT5. “Ik denk dat de mensen die hier komen echt gelukkig zijn.” Het festival stond van oudsher vol met Jordanezen, maar ook yuppen waren volgens De Bie welkom. “Je hebt er ook goeden bij, die van een feestje houden.”
De Jordanees leefde voor zijn wijk, maar was een creatieveling in allerlei feesten organiseren. De Bie werkte vast als timmerman voor het GVB. “Het is hem gelukt om bij het kampioenschap van Ajax de huldiging met trams door de stad te laten rijden”, vertelt zijn vriend Bohnenn.
Jordaan
“Jordaneser dan Jan wordt het niet”, zegt buurtgenoot Bohnenn. “Hij was blind van de Westertoren. Via allemaal gangetjes mocht hij helemaal naar boven.” In 2020 sprak AT5 De Bie over het spreken in het Jordanees. “Jongeren begrijpen de Jordaanse termen niet meer”, peinsde hij toen.
“Ik blijf dat jongetje uit de Jordaan”, stelde De Bie echter trots. “De Jordaan is toch iets heel aparts. En daar kan niemand aankomen.”

