Het is een ergernis voor weggebruikers: tunnels die gesloten zijn vanwege storingen. Het betekent behoorlijk omrijden door de stad, stilstaand verkeer en extra reistijd. Halverwege het jaar staat de teller van tunnelafsluitingen al ruim boven het aantal van de voorgaande jaren. Wat is er de hand met de Amsterdamse tunnels? De overstap naar een nieuwe verkeerscentrale en achterstallig onderhoud zorgen voor problemen.
De gemeente Amsterdam onderhoudt vijf tunnels. Dat zijn de IJtunnel, Michiel de Ruijtertunnel, Piet Heintunnel, Spaarndammertunnel en de Arenatunnel. Voor dit verhaal zijn de storingen van deze vijf ‘stadstunnels’ bekeken. Het onderhoud van de Coentunnel, Zeeburgertunnel en Gaasperdammertunnel ligt namelijk in de handen van het Rijk.
Voor de gemeentelijke tunnels geldt het streven dat deze minimaal 98 procent van de tijd te gebruiken zijn. De tunnels zijn in principe 24 uur per dag en het hele jaar door geopend voor het verkeer. Dat betekent dat de tunnels ongeveer 8500 uur in het jaar open moeten zijn voor het verkeer.
En die 98 procent beschikbaarheid komt dit jaar in het geding, zo blijkt uit de cijfers. Halverwege het jaar is er al veertig keer een onverwachte stremming geweest van een tunnel. In totaal waren de Amsterdamse tunnels al 80 uur en 26 minuten gesloten voor het verkeer, geplande werkzaamheden niet meegerekend.
Nu al veel meer dan afgelopen jaren
Kijkend naar de afgelopen jaren, dan springt het aantal tunnelstoringen nu al met kop en schouders erbovenuit. In 2025 ging het om 33 ongeplande sluitingen, in 2024 om 31, in 2023 om 29 en in 2022 maar om 12 sluitingen. Het lage aantal van dat jaar komt voornamelijk omdat de Piet Heintunnel het hele jaar dicht was vanwege de renovatie en ook de Arenatunnel vijf maanden dicht was.
Maar wanneer gaat een tunnel dicht? Dat geldt voor de gemeente in twee gevallen: bij gepland onderhoud en tijdens storingen. De gemeente heeft per tunnel bepaald hoe vaak er onderhoud moet worden uitgevoerd en doet dat dan van 22.30 uur tot 05.00 uur. De Spaarndammer-, Michiel de Ruijter- en Arenatunnel zijn eens in de twee maanden dicht. De Piet Hein- en IJtunnel gaan elke maand dicht.
Storingswijs moet een tunnel dicht als een zogenoemde ‘veiligheidskritische installatie’ uitvalt. Dit om de veiligheid te kunnen blijven garanderen voor het verkeer. Zo’n installatie is namelijk nodig om tijdens een incident in de tunnel, bijvoorbeeld bij een brandend voertuig, de mensen in veiligheid te kunnen brengen.
In een tunnel zitten ongeveer 60 verschillende installaties, waarvan er twintig zijn aangewezen als veiligheidskritisch. Dat gaat dan bijvoorbeeld om de omroepinstallatie, om tunnelgebruikers te kunnen informeren bij een incident, het ventilatiesysteem, dat rook uit de tunnel kan blazen, en de camera’s, die de tunnels in de gaten houden.
Veel problemen bij Michiel de Ruijtertunnel
De tunnel die dit jaar het meest voor problemen zorgt, is de Michiel de Ruijtertunnel – die onder het Centraal Station doorloopt. Al negentien keer moest de tunnel (gedeeltelijk) dicht. De IJtunnel en Piet Heintunnel volgen met acht en negen sluitingen.
De problemen bij de Michiel de Ruijtertunnel komen door de recente aansluiting van de tunnel op de nieuwe verkeerscentrale. De tunnelinstallaties en het ict-netwerk van de tunnels in de stad worden overgeheveld van de oude centrale aan de Dijksgracht naar de nieuwe centrale bij Duivendrecht. De nieuwe aansluiting zorgt voor kinderziektes in de systemen, waardoor de tunnel dicht moet.
Bij de werkzaamheden aan de Spaarndammertunnel, die sinds 24 juni dicht is, wordt de tunnel ook op het nieuwe systeem aangesloten. Of de tunnel na heropening ook vaker dicht moet, is nog afwachten. Vanaf half oktober moet de nieuwe verkeerscentrale volledig in werking zijn voor de tunnels in de stad. De komende periode worden de systemen getest tijdens zogenoemde stille tijden, momenten waarop het rustiger is.
Achterstallig onderhoud
In juni moest de IJtunnel meerdere keren sluiten vanwege problemen. In de tunnel is er sprake van achterstallig onderhoud als gevolg van uitgesteld vervangingsonderhoud. Dat geldt ook voor de Arenatunnel. De apparatuur in de tunnels is verouderd en aan vervanging toe; daardoor ontstaan nu de storingen.
De IJ- en Arenatunnel krijgen volgend jaar een grote onderhoudsbeurt. De IJtunnel is meer dan een jaar dicht, de Arenatunnel een halfjaar. De verwachting is dat de werkzaamheden veel impact gaan hebben op het verkeer.
Tunnels zijn belangrijke verkeersaders
Want tunnels zijn hele belangrijke verkeersaders voor de stad. Een sluiting van een tunnel zorgt ervoor dat weggebruikers vaak heel wat kilometers moeten omrijden. Zo moet je bij een dichte Piet Heintunnel door de Indische Buurt en over de Amsterdamsebrug omrijden. Dat is ruim 3 kilometer, waarin het verkeer ook vaak vaststaat.
Ook voor de IJtunnel geldt een sluiting voor kilometers omrijden. Om dan Noord vanuit het centrum te bereiken, moet er worden omgereden via de Piet Heintunnel of de Coentunnel, respectievelijk zo’n 12 of 14 kilometer. En moet je bij een sluiting van de Michiel de Ruijtertunnel dwars door het centrum heen om aan de andere kant van het Centraal Station te komen. De drie tunnels zijn dagelijks goed voor zo’n 30.000 voertuigen, dat is heel wat verkeer dat moet omrijden.
De gemeente probeert daarom sluitingen zo snel mogelijk door te geven via zogenoemde DRIP’s (Dynamische Route Informatie Panelen) en via navigatieapps. Maar de gemeente ziet dat de koppelingen niet goed werken en dat navigatiediensten de informatie soms sloom overnemen. Dat zorgt voor weggebruikers die voor dichte slagbomen staan. “We onderhouden daarom continu contact met het Nationaal Dataportaal Wegverkeer om deze problemen via hen op te lossen.”

